Intrada, Passacaglia et Fuga in Em
€14.00
Deze compositie bestaat uit drie delen die elk een titel kregen uit de barokmuziek.
Het Intrada is een inleiding, die begint met een langzame sfeerschepping. De gebruikte akkoorden zijn melancholisch en sereen, zelfs wat onbestemd. Als contrast komt er een Più Animato, gevolgd door enkele virtuoze loopjes. Vanaf maat 25 begint er een canon en worden de vier stemmen contrapuntisch uitgewerkt.
Het tweede deel is een Passacaglia, in de barok een soort variatievorm op een bepaald thema. In dit geval zijn er 16 variaties op een gegeven basthema. Het werk heeft het karakter van een dans met een matig tempo en een drieledige maatsoort.
Het derde deel is het ultieme genre van de barok: een fuga. Bij een fuga wordt een thema voorgesteld dat vervolgens in drie, vier of meer stemmen geïmiteerd wordt tot er een complex weefsel van melodische lijnen ontstaat. In deze fuga wordt het thema (Subject) ook telkens vergezeld van een contrasubject. In maat 98 begint de expositie, de voorstelling van het thema in de hoofdtoonaard (Subject). Dit thema wordt beantwoord in de dominanttoonaard (Riposta), en begeleid door het contrasubject. Vervolgens komt er een derde inzet van het thema, opnieuw in de hoofdtoonaard (S) en een vierde inzet in het pedaal (R), telkens voorzien van het contrasubject.
Na de voorstelling van het thema komt er een ontwikkeling vanaf maat 112. De thema’s worden op verschillende manieren herhaald en kleinere motieven uit het thema kunnen afgesplitst worden. Vanaf maat 165 is er dan een re-expositie waarin de oorspronkelijke thema’s terugkomen. In maat 173 wordt deze afgesloten met een boven-dominant cadens. Als orgelpunt is er nog een korte passage Grave, waarbij de eerste twee noten uit de fuga verweven worden met de akkoorden uit het Intrada. De cirkel is rond.
Luistervoorbeeld
| Bezetting | |
|---|---|
| Componist | |
| Moeilijkheidsgraad | |
| Publicatie | |
| Speelduur |













Beoordelingen
Er zijn nog geen beoordelingen.